Religie

De middenweg

De Middenweg (Nederlands voor de Pali term majjhima patipada) is in het boeddhisme de weg die leidt tot verlichting, en die de extremen van lust en (zelf)aversie vermijdt. Een belangrijk aspect van de Middenweg is het op de juiste manier aandacht geven aan hetgeen zich in het heden manifesteert.

De Middenweg is de weg of praktijk waarvan de Boeddha zei dat hij hem tot het einde gevolgd had, en die hem tot aan het einde aan het lijden gebracht had. De lering over de Middenweg is een belangrijk onderdeel van de Dhammacakkapavattanasutta: de eerste lering die de Boeddha gaf, in de plaats Sarnath in India.

De Extremen
De Boeddha zei dat een monnik (of bhikkhu) de twee extremen zou moeten vermijden. Deze twee extremen zijn de tegenpolen van de Middenweg, waarin het gemakkelijk is te vervallen.

Deze twee extremen zijn als volgt:
1. Kamasukhalikanuyoga (Pali); het nastreven van sensueel geluk in sensueel plezier.

De Boeddha omschreef dit als laag, vulgair, minderwaardig, onedel en onvoordelig. Kamasukhalikanuyoga is de weg van 'wereldse' personen; personen voor wie hun spirituele ontwikkeling relatief onbelangrijk is.

2. Attakilamatanuyoga (Pali); het nastreven van zelfkwelling, zelfkastijding of zelfpijniging.

De Boeddha omschreef dit als pijnlijk, onedel en onvoordelig. Attakilamatanuyoga is een weg die soms door religieuze groeperingen voorgeschreven wordt, als een manier om de geest te purificeren of verlichting te behalen. Volgens het boeddhisme leidt Attakilamatanuyoga echter niet tot de hoogste purificatie of verlichting, en bevat het elementen die juist nadelig zijn voor spirituele groei.

Het leven van de Boeddha voordat hij monnik werd (toen zijn naam Siddhartha Gautama was) stond voornamelijk in het teken van Kamasukhalikanuyoga. Toen hij monnik werd wijdde hij zijn leven gedurende 6 jaar aan Attakilamatanuyoga. Na deze zes jaar kwam hij tot de conclusie dat Attakilamatanuyoga niet leidt tot de spirituele ontwikkeling waar hij naar op zoek was. Kort hierna ontdekte de Siddhartja Hautama de Middenweg, die hem tot volledige verlichting leidde en hem een Boeddha maakte.

De Middenweg
De Middenweg vermijdt deze twee extremen van Kamasukhalikanuyoga en Attakilamatanuyoga, en leidt tot visie, kennis, vrede, inzicht, verlichting en Nirvana.

Achtvoudig Pad
De Middenweg bestaat essentieel uit het Achtvoudig Pad, welke bestaat uit de volgende drie hoofdcategoriëen:

1. moreel of ethisch gedrag (Pali: sila)
2. meditatie (Pali: samadhi)
3. wijsheid (Pali: pañña)


Vier Edele Waarheden
Ook de Vier Edele Waarheden spelen een grote rol in de middenweg. Boeddha onderwees dat elke van de Vier Edele Waarheden drie fasen heeft: studie, praktijk en resultaat. In totaal geeft dit 12 aspecten van de Middenweg wanneer deze in termen van de Vier Edele Waarheden geanalyseerd wordt. De Boeddha zei dat toen zijn inzicht in deze 12 aspecten van de Vier Edele Waarheden geperfectioneerd was, zijn verlichting perfect en compleet was.

 
Nirwana (Sanskriet) of Nibbana (pali) is een belangrijk begrip in het boeddhisme en verwijst naar de hoogste staat die door de mens bereikt kan worden, en waardoor heiligheid behaald wordt. Het betekent letterlijk: uitgeblust, uitgedoofd, uitgegaan, niet meer branden. Het uitgedoofd zijn verwijst naar het einde van begeerte, aversie en verwarring, wat het hoofddoel van het boeddhisme is. Naast het boeddhisme kennen andere Indiase spirituele tradities ook een nirwana, vaak met een andere betekenis.


Nibbana in het Theravada
In het Theravada verwijst het woord Nibbana naar de verlichting die de Boeddha zelf bereikt had, en die hij zijn studenten onderwees. Iemand die het Nibbana behaald heeft, is iemand waarin de mentale oorzaken van het lijden (verlangens en aversie) niet meer kunnen ontstaan, omdat aan de oorzaak ervan (onwetendheid en verwarring) voor altijd een einde is gemaakt.

Het 'uitdoven' of 'uitgaan' van verlangens, haat, onwetendheid en verwarring is volgens de leer van de Boeddha een logisch resultaat van de ontwikkeling van het Achtvoudig Pad tot aan het hoogste niveau. Verder kan gezegd worden dat iemand die het Nibbana behaald heeft, de Vier Nobele Waarheden in al haar aspecten compleet begrijpt en deze ook volledig toegepast heeft.

Nibbana en verlichting
'Uitgeblust zijn' is in het Theravada een van de van de kenmerken van ontwaking of verlichting (pali: bodhi). Iemand die werkelijk verlicht is, weet wat het nibbana is en ervaart het ook.

Nibbana is in de leer van het Theravada boeddhisme de volledige bevrijding uit het samsara, het steeds maar weer ervaren van lijden en geboorte, ziekte en dood. Het verschill tussen een leven in samsara en een leven in Nibbana is dat iemand in samsara afwisselend verlangen, haat en verwarring meemaakt. Dit zorgt ervoor dat een leven in samsara pijnlijk en vol lijden is. In het Nibbana is daar geen sprake van en ervaart men vrijheid van lijden: werkelijke gelukkigheid. Het leven van iemand die leeft in het Nibbana wordt gekenmerkt door compassie, vriendelijkheid, wijsheid, gelijkmoedigheid, onthechtheid en gelukkigheid.

Iemand die het Nibbana behaald heeft, wordt een boeddha genoemd als hij haar op eigen kracht, zonder leraar, behaald heeft. Een Sotapanna (de laagste graad van heiligheid) heeft de Dhamma gezien en heeft een voorproefje van het Nibbana gehad. De sotapanna is op weg naar het Nibbana, maar heeft haar nog niet bereikt. De Arahant (iemand die de hoogste graad van heiligheid bezit) heeft het Nibbana (en verlichting) bereikt als discipel van een boeddha.

Iemand die het Nibbana (of verlichting) bereikt heeft, ervaart in dit leven nog steeds de natuurlijke gevolgen van een geboorte als mens: ziekte, ouderdom en dood. Echter, hij blijft er gelijkmoedig onder, en de lichamelijke pijn veroorzaakt geen geestelijke of mentale pijn. Bij het overlijden ervaart iemand die het Nibbana behaald heeft het parinibbana. Hij wordt niet weder geboren.


Nibbana in de praktijk
Een boeddhistisch begrip wat nauw verwant is aan het Nibbana is anatta (pali) of niet-zelf. Indien het concept van niet-zelf niet correct begrepen wordt, kan ook het nibbana niet correct bevat worden.

Het lijden bestaat, maar niemand ondergaat het.
De daad is, maar een doener is er niet.
Nibbana bestaat, maar niet degene die het binnengaat.
Het pad is, maar geen reiziger begaat het.
—Visuddhamagga, XVI

Nibbana is volgens het boeddhisme een praktisch iets wat zelf ervaren kan worden. Ajahn Chah gebruikte de gelijkenis van de smaak van een appel, die je op verschillende manieren kunt beschrijven en waarover je verschillende theorieën kunt ontwikkelen. Maar pas wanneer je de appel zelf proeft, weet je echt wat de smaak van een appel is, en weet je dat de verschillende beschrijvingen misschien wel waar zijn, maar niet tot de essentie van 'de smaak van een appel' behoren.


Nirwana in het Mahayana
De later ontstane Mahayana stroming van het boeddhisme vond dat het nirwana-idee van het Theravada en de overige vroege boeddhistische scholen te beperkt was. Het Mahayana paste bepaalde boeddhistische spirituele idealen daarom aan, waarbij zij uit bleef gaan van de basisbeginselen van het boeddhisme. Deze nieuwe idealen werden vervolgens uitgewerkt in zowel praktische, logische als metafysische aspecten. Als gevolg hiervan week het nirwana-idee van het Theravada uit naar de achtergrond en kwam daarvoor in de plaats het Bodhi-ideaal van het Mahayana.

Bodhi (Sanskriet; verlichting) is het doel wat Mahayana boeddhisten nastreven. Met verlichting wordt hier meer specifiek de verlichting van een Boeddha bedoeld, en niet die van een Arahant. De tegenpool van verlichting is onwetendheid en verwarring.

Volgens de aanhangers van het Mahayana is nirwana niet de hoogste staat die bereikt kan worden, maar slechts een tussenstation op de weg naar ultieme verlichting (bodhi) van een Boeddha. Mahayana boeddhisten spreken ook wel over 'lager nirwana' wanneer ze het nirwana van het Theravada bedoelen en over het 'hoger nirwana' wanneer ze de verlichting van een boeddha bedoelen.
   

De drie karakteristieken

De drie karakteristieken (Pali: tilakkhana) zijn een boeddhistische beschrijving van de wijze waarop dingen en objecten in de wereld aanwezig zijn. Volgens de lering van de drie karakteristieken zijn alle geconditioneerde dingen inconstant (Pali: anicca) en onderhevig aan stress (dukkha). Dit leidt tot de conclusie dat alle dingen daarom ook niet-zelf of zelfloos (anatta) zijn.

Anicca, dukkha, anatta
In veel suttas (toespraken van de Boeddha) worden de drie karakteristieken op de volgende manier gepresenteerd:

1. Alle geconditioneerde dingen zijn anicca (Pali): impermanent, inconstant, veranderlijk van aard.
2. Alle geconditioneerde dingen zijn daarom ook dukkha: pijnlijk, brengers van ongemak en oncomfortabel. Dukkha verwijst ook naar de inherente stress die veranderlijke dingen beleven.
3. Omdat ze inconstant en veranderlijk zijn en ongemak brengen, is het niet passend om ze als iemands bezit of als 'zelf' te beschouwen. Ze zijn anatta: niet-zelf of zonder zelf, zonder eigenaar, bezitter.

boeddhaDe Boeddha gebruikte ook vaak de redenering dat als dingen echt jezelf of 'van jezelf' zijn, je er perfecte controle over uit moet kunnen oefenen. Niets moet ze overkomen waarvan jij niet wilt dat het ze overkomt. Echter, omdat geconditioneerde dingen veranderlijk (anicca) zijn, en veranderen conform hun condities of relevante oorzaken en niet slechts volgens iemands wil of intentie, staan geconditioneerde dingen niet onder jouw ultieme controle. Ze veranderen conform hun condities en oorzaken en ervaren daardoor interne stress en kunnen ongemak en lijden (dukkha) in de mens veroorzaken.

Dukkha betekent overigens niet dat dingen geen comfort kunnen brengen. Het verwijst meer naar het ongemak en de mentale stress die veroorzaakt wordt doordat dingen en condities hun eigen weg gaan en niet noodzakelijkerwijs altijd onze wil en intenties 'gehoorzamen'. Onze verlangens blijven dan onbevredigd en dát is de werkelijke dukkha.


Het geconditioneerde en het ongeconditioneerde
Anicca en dukkha hebben betrekking op alle geconditioneerde dingen. Anatta echter heeft betrekking op alle dingen: zowel de geconditioneerde dingen als het ongeconditioneerde of het doodloze. Het ongeconditioneerde is dat wat buiten het geconditioneerde staat en waardoor het Nirvana behaald kan worden. Dit ongeconditioneerde is, net als de geconditioneerde dingen, anatta of niet-zelf. Het verschilt van de geconditioneerde dingen in dat het nicca (permanent of constant) is. Het ervaart geen interne stress en brengt een einde aan het lijden.


Plaats binnen de leer
De lering van de drie karakteristieken is een fundamenteel concept van het boeddhisme. Een diepgaand inzicht hierin leidt tot het bereiken van Verlichting. Ook voor de beginner echter is een goed begrip en een goede toepassing van de lering van de drie karakteristieken een belangrijk en essentieel aspect van de boeddhistische praktijk.

De Anatta Lakkhana Sutta is de tweede lering die de boeddha gaf na zijn verlichting. In deze toespraak gaf hij een gedetailleerde uitleg van de drie karakteristieken en tijdens het luisteren naar deze toespraak bereikten de eerste vijf discipelen van de Boeddha het Nirvana en werden zo Arahants.

Relatie met andere concepten
De lering over de drie karakteristieken staat niet op zich. Voor een helder begrip van deze lering is ook een goed begrip van de lering over de vijf khandhas en de Vier Nobele Waarheden essentieel.

   

Religies

Thailand is een ontmoetingsplaats, waar de mensen van diverse achtergronden zijn samengekomen om hun cultuur en rassenkenmerken samen te voegen. Met een grondgebied en een bevolking met de zelfde grootte als Frankrijk, bestaat de Thaise bevolking grotendeels uit etnische Thai gemengd met andere etnische groepen zoals: Myanmar, Chinees, Lao, Khmer en hilltribes. De mensen zijn meestal Boeddhistisch, minder dan 10 % gelooft in een andere religie: Islam, Christendom, Hinduisme en Brahmanisme. In het vanuit Chiangrai, verre zuiden is de Islam breder aanwezig.

   

Vier Nobele Waarheden

De lering over de Vier Nobele Waarheden (ook wel de Vier Edele Waarheden genoemd) is de eerste lering die Gautama Boeddha gaf en vormt de basis van alle boeddhistische leringen, zowel van het Theravada boeddhisme als het Mahayana boeddhisme.

Het lijden (Pali: Dukkha)
‘Dit, monniken, is de Edele Waarheid van het Lijden: geboorte is lijden, ouderdom is lijden, ziekte is lijden, de dood is lijden, verdriet en weeklagen, pijn, smart en wanhoop zijn lijden; omgaan met hetgeen waarvan je een afschuw hebt is lijden, gescheiden worden van het geliefde is lijden, niet krijgen wat men wil hebben is lijden – kortom, de vijf groepen (die object zijn) van hechten, zijn lijden.’

Deze waarheid geeft aan dat alle mensen te maken hebben met lijden, variërend van fysieke tot mentale pijn. Zelfs als wij momenten van genot of plezier ervaren zit daar lijden in verscholen, omdat deze momenten tijdelijk zijn en na verloop van tijd zullen omslaan in pijn of onplezierige ervaringen. Vroeg of laat zullen we afscheid moeten nemen van datgene waar we aan gehecht zijn, en dit is eveneens lijden.


De oorzaak van het lijden (Pali: Samudaya)
‘Dit monniken, is de Edele Waarheid van de Oorzaak van Lijden: verlangen en hartstocht. Dit verlangen dat wedergeboorte veroorzaakt en gepaard gaat met genietingen en wellust, en bevrediging zoekt in dingen, dan weer hier, dan weer daar, namelijk: verlangen naar zintuiglijke geneugten, verlangen naar bestaan, en verlangen naar niet-bestaan.’



De oorzaak voor het lijden is het hebben van verlangens. Deze verlangens zijn op te delen in drie typen:

* Zintuiglijk verlangen (Pali: kama tanha): Dit verlangen bestaat uit het verlangen naar sensueel genot. Het betreft hier een mentaal verlangen naar de plezierige gevoelens die ontstaan als gevolg van zintuiglijk contact, zoals bijvoorbeeld wanneer een lekker drankje contact maakt met de tong, of wanneer men zichzelf bewust wordt van het horen van een plezant geluid.

* Verlangen naar bestaan. (Pali: bhava tanha): Dit verlangen houdt het willen blijven bestaan in de huidige vorm, of het verlangen naar een bestaan in een alternatieve vorm, in alternatieve omstandigheden of met alternatieve karaktereigenschappen. Bijvoorbeeld: "Ik wilde dat ik ... was."

* Verlangen naar niet-bestaan (Pali: vibhava tanha): Dit verlangen heeft betrekking op het niet willen blijven bestaan in de huidige vorm of omstandigheden, of het niet willen bestaan in een alternatieve vorm of omstandigheden. Ook het willen sterven valt hieronder. Bijvoorbeeld: "Ik wilde dat ik nooit ... zou hoeven te zijn"

Al het menselijk lijden ontstaat als gevolg van deze drie vormen van begeerte. Deze vormen van begeerte ontstaan op hun beurt door het aanwezig zijn van onwetendheid: het niet begrijpen van de drie karakteristieken en het daardoor ontstaan van de perceptie van een 'zelf'. Onze verlangens om de realiteit te veranderen zijn op dit gepercipieerde zelf gebaseerd. Indien dit gevoel van "ik ben" er niet zou zijn, zou er geen verlangen en dus ook geen lijden zijn.


De opheffing van het lijden (Pali: Nirodha)
‘Dit, monniken, is de Edele Waarheid van de Opheffing van Lijden: Het is het gaandeweg verdwijnen en uiteindelijk ophouden van voornoemd verlangen. Het opgeven, het laten varen, het loslaten en de verwerping van dat verlangen zonder dat er een spoor van overblijft.’

Deze waarheid vertelt dat ieder mens genoeg in zich heeft om het lijden op te heffen. Verlossing van het lijden wordt ook wel verlichting, ontwaking of Nirvana genoemd. Om deze toestand te bereiken zouden we moeten beseffen dat het werkelijk geluk niet voortkomt uit het enkele nastreven en bereiken van onze verlangens, maar juist volgt als we openstaan voor de realiteit, door te zien wat er met en in ons gebeurt, en deze realiteit te accepteren zoals ze is.

Het pad naar de opheffing van het lijden (Pali: Magga)
‘Dit, monniken, is de Edele Waarheid van de Weg die leidt naar de Opheffing van Lijden: Het is simpelweg het Edele Achtvoudige Pad, namelijk: juist inzicht, juiste intentie, juiste spraak, juist handelen, juiste wijze van levensonderhoud, juiste inzet, juist aandachtig zijn, juiste concentratie.’


Het Achtvoudige Pad is een omschrijving van de weg die leidt tot opheffing van het lijden:

1. Het juiste inzicht
2. De juiste intentie
3. De juiste spraak
4. Het juiste handelen
5. De juiste wijze van levensonderhoud
6. De juiste inzet
7. De juiste aandacht
8. De juiste concentratie


Moderne presentatie
Sommige boeddhistische leraren (zoals bijvoorbeeld de boeddhistische monnik Ajahn Brahmavamso) draaien tegenwoordig de klassieke leer van de Vier Nobele Waarheden enigszins om, en centreren deze vervolgens rond het geluk in plaats van rond het lijden. Zij doen dit omdat ze vinden dat deze manier van presenteren van de Vier Nobele Waarhedenwesterlingen meer aanpreekt, en westerlingen zo ook de leer sneller correct kunnen begrijpen en in de praktijk brengen.

De 'geherformuleerde Vier Nobele Waarheden' luiden als volgt:
1. Er is geluk
2. Men ervaart dit geluk wanneer men het Achtvoudig Pad bewandelt
3. Soms is er geen geluk
4. De oorzaak van het afwezig zijn van geluk is verlangen en begeerte

   

Page 1 of 2

Polls

Dre leukste stad in Thailand is

Website info NOTE: Deze website is puur informatief, wij proberen zo goed mogelijk informatie te verstrekken over zoveel mogelijk onderwerpen die met wonen in Thailand te maken hebben, echter... wij zij geen experts, dus wij kunnen ons ook vergissen, tikfoutjes maken of de info outdated. Wij doen ons best jou gratis van informatie te voorzien.
Contact Information +44 (0) 000 000 000
+44 (0) 001 001 001
info@somepany.com
www.ourwebsite.com
Location Chiangrai
Zwolle
Dordrecht
Dordrecht
Staff Details CEO: Willem vander Vloet
Sales: Edith Punt
Marketing: John van Heeren
Webmaster: John van Heeren