Chiangrai

Chiangrai

Als men Chiangrai binnenrijdt, dan valt direct op hoe men van de brede toegangswegen tot de stad ware parklinten heeft weten te maken. Er is vrijwel geen hoogbouw in Chiangrai. Het is een middelgroot provinciestadje waar wel grote winkelcentra en allerlei andere voorzieningen zijn. De algemene bouwstijl doet wat typisch Aziatisch rommelig aan. Het is een mix van de oude bouwstijl, vaak nog van hout, met de snelbouwhuizen uit de “boom-periode” welke recentelijk zijn aangevuld met riante villa’s en moderne gebouwen. Sinds enkele jaren kent Chiangrai een schoonheidscommissie die langzaam tracht het beeld van de stad wat meer in evenwicht te brengen. Trots is men op de voetpaden overal.

In het centrum langs de belangrijkste hoofdstraat vindt men een variatie van winkels met centraal gelegen, doch verstopt door de smalle toegangsstraat, de “Night Bazaar”. Veel kleiner dan de bekende markt van Chiangmai, maar ongetwijfeld veel boeiender. Men vindt er handwerk van de verschillende bergstammen die rondom Chiangrai in de bergen hun woongebied hebben. Verder zijn er twee podia waar traditionele Thaise dansen en muziek worden uitgevoerd. En natuurlijk ontbreken de vele eetstalletjes niet. Er is een pleintje waarom heen een groot aantal stalletjes staat met ieder zijn eigen specialiteit en zodoende kan men zelf de lekkerste gerechtcombinaties op tafel toveren.

Een ander deel van het centrum van de stad is de eigenlijke winkelwijk. Vele zaken met de meest uiteenlopende waren in en om een groot huizenblok, waarin centraal de grote markt is gelegen. Deze markt biedt vers fruit, groente, vlees, maar ook de meest uiteenlopende huishoudelijke artikelen en kleding. Eigenlijk is er vrijwel alles te koop. Ook hier weer veel kant-en-klaar eten en drinken. Probeer daar de ijskoffie of ijsthee maar eens. Veel beter dan in menig luxe restaurant of hotel.

Net als elders in Thailand zijn er veel tempels in de stad te vinden. Een aantal is zeker de moeite van een bezoek waard. In Chiangrai bevind zich ook de eerste “Wat Phra Keaw”. Oftewel de tempel van de smaragden Boeddha. Het beeldje, wat eigenlijk uit een enkel zeer bijzonder brok Jade is geslepen, vindt men nu in Bangkok in de tempel van het grote paleis. Het werd echter in Chiangrai ontdekt toen een blikseminslag een Chedi op het terrein van de tempel deed splijten. Thaise mensen hechten een zeer bijzondere waarde aan dit beeldje en ook de tempel waar dit beeld oorspronkelijk vandaan komt. De tempel is dan ook rijkelijk gedecoreerd en een bezoek zeker waard.


De stad kent vele eetgelegenheden. Grote en kleine restaurants overal waar je maar kijken kan en hoofdzakelijk in de hoofdstraten ook restaurants met een westerse menukaart. Er is een waar “Kanthoke diner” restaurant waar men op de grond zit en gedurende een hele avond tijdens het eten van Thaise volksdansen kan genieten. Ook is er een authentiek Noord-thais restaurant te vinden. Ook hier weer met bijpassende muziek en dansen.
Maar er zijn ook enkele westers gespecialiseerde restaurants, zoals een echte Italiaan, “da Vinci” genaamd, waar men de pizza’s nog met een houtoven maakt. Verder nog het Europese restaurant “Aye”. Zelfs vindt men in Chiangrai een echte bruine kroeg waar men ook de heerlijkste Hollandse gerechten kan krijgen. Heel toepasselijk genaamd “Old Dutch”. Men komt niet naar Thailand om in deze zaken te gaan eten. Doch velen die langere tijd in Thailand verblijven zijn toch blij met deze uitstekende etablissementen.  

Verder is Chiangrai vrij rijk aan musea. Al zijn deze vaak klein en bezitten een kleine collectie. Men vindt er het Hill-tribe museum, het Lanna Thai museum, de Mae Fah Luang exhibition en verder nog een opium museum en een aantal galeries met schilderijen. Werkelijk bijzonder is de potterij “Din Deng”.